24 ساعةالواجهةصوت الجالية

Nederlandse politieagente van Marokkaanse afkomst stapt naar de rechter na politieke kritiek

Nederlandse politieagente van Marokkaanse afkomst stapt naar de rechter na politieke kritiek

Rachida Babzine, Amsterdam 11 September 2026

De Amsterdamse wijkagent Mahassen Rahmouni, die een Marokkaanse achtergrond heeft, heeft aangifte gedaan tegen PVV-Kamerlid Marjolein Faber naar aanleiding van uitspraken die tijdens een parlementair debat over de politie zijn gedaan.

Tijdens het debat kwamen berichten van Rahmouni op sociale media ter sprake, daarbij werd onder meer gesproken over het gebruik van de Arabische taal en werden vragen gesteld over haar neutraliteit en loyaliteit.

Rahmouni is van mening dat de opmerkingen verder gingen dan een inhoudelijke discussie over haar professionele functioneren, zij heeft daarom besloten juridische stappen te zetten, de precieze juridische beoordeling van de uitspraken ligt bij de bevoegde instanties.

Rahmouni werkt al jarenlang bij de politie en is actief als wijkagent in Amsterdam-Oost, daarnaast heeft zij een groot bereik op sociale media, op Instagram volgen meer dan 250.000 mensen haar.

In haar berichten besteedt zij aandacht aan onderwerpen zoals cybercriminaliteit, seksueel geweld en het zoeken van hulp, daarbij gebruikt zij zowel het Nederlands als het Arabisch.

Rahmouni zegt dat zij het Arabisch onder meer gebruikt om verschillende groepen inwoners te kunnen bereiken. Volgens haar staat dat los van haar functioneren als Nederlandse politieagent.

De kwestie heeft ook binnen de politie reacties opgeroepen, de Amsterdamse politie benadrukt dat kritiek op het politiewerk en politieke controle daarop onderdeel zijn van een democratische samenleving, tegelijkertijd is er aandacht gevraagd voor de manier waarop individuele politiemedewerkers in het publieke debat worden genoemd.

Ook politievakbond ACP heeft gewezen op mogelijke risico’s wanneer individuele politieagenten onderwerp worden van politieke en publieke discussies, daarbij kan het volgens de bond onder meer gaan om online intimidatie, bedreigingen of het verspreiden van persoonlijke informatie.

De discussie gaat daarmee niet alleen over de inhoud van de uitspraken, maar ook over de vraag hoe individuele politiemedewerkers binnen een politiek debat kunnen worden besproken en welke bescherming daarbij passend is.

De zaak heeft daarnaast belangstelling gewekt binnen delen van de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap. Daarbij wordt onder meer gewezen op de positie van Nederlanders met een migratieachtergrond die werkzaam zijn binnen publieke instellingen.

In het geval van Rahmouni speelt ook de vraag hoe haar culturele achtergrond en het gebruik van de Arabische taal moeten worden gezien in relatie tot haar professionele rol.

Dat raakt aan een bredere maatschappelijke discussie over identiteit, burgerschap en culturele diversiteit, tegelijkertijd blijft het uitgangspunt dat politiemedewerkers aan professionele regels en eisen rond neutraliteit en integriteit moeten voldoen.

Met de aangifte is de kwestie onderdeel geworden van een juridische procedure, het is aan de bevoegde instanties om te beoordelen hoe de betreffende uitspraken juridisch moeten worden gekwalificeerd en of er aanleiding is voor verdere stappen.

Tot die beoordeling is het van belang onderscheid te maken tussen de verschillende standpunten die in het debat naar voren zijn gebracht en vastgestelde juridische feiten.

De zaak brengt verschillende thema’s samen: politieke controle op de politie, vrijheid van meningsuiting, de bescherming van politiemedewerkers, professionele neutraliteit en culturele identiteit.

Voor Rahmouni staat volgens haar eigen verklaring centraal dat haar Marokkaanse achtergrond en het gebruik van de Arabische taal niet zonder meer als aanwijzingen voor haar professionele loyaliteit zouden moeten worden beschouwd, hoe de kwestie juridisch verder wordt beoordeeld, moet worden afgewacht.

اترك تعليقاً

لن يتم نشر عنوان بريدك الإلكتروني. الحقول الإلزامية مشار إليها بـ *

زر الذهاب إلى الأعلى